Aandachtspunten bij het (na) isoleren

 

Het vervangen van vensters of het maken van een doorvoer ná het aanbrengen van de na-isolatie


Wilt u gevelelementen, zoals ramen en deuren, vervangen? Of een doorvoer maken, bijvoorbeeld voor het installeren van airconditioning? Dan is het verstandig om dat te doen vóórdat de spouw is na-geïsoleerd met Neopixels. Als de na-isolatie al is aangebracht, kunt u de volgende stappen nemen om ervoor te zorgen dat de isolatie intact blijft.

 

Voorkomen aantasting isolatiemateriaal
Wanneer ramen of deuren (hierna omschreven als gevelelementen) geplaatst worden na het aanbrengen van na-isolatie, kan de dichting naar het isolatiemateriaal niet geborgd worden. Hetzelfde geldt voor het maken van doorvoeren. Dit kan waterinfiltratie tot gevolg hebben. Een te grote waterbelasting kan het isolatiemateriaal aantasten. Als u de juiste maatregelen neemt voordat u begint met de werkzaamheden, voorkomt u dit probleem.

 

Vervangen van gevelelementen ná na-isolatie

Is er een stelkozijn aanwezig over de volledige spouwbreedte? Dan is het beschermen van de isolatie niet noodzakelijk. Het stelkozijn beschermt dan namelijk de isolatie. Wordt het stelkozijn vervangen of is er geen stelkozijn aanwezig? Dan moet u de isolatie wel beschermen.

 

Stappenplan
U kunt de Neopixels-isolatie plaatselijk beschermen door een serie kleine boorgaten te maken rondom het te verwijderen gevelelement. Deze gaten vult u met PUR voordat u het gevelelement verwijdert. Pak dit als volgt aan.

 

  1. Maak zo klein mogelijke boorgaten rondom ieder gevelelement op maximaal 15 centimeter afstand van elkaar. Houd ook 15 centimeter aan vanaf de gevelsteenopening, afhankelijk van een mogelijk stelkozijn of slabben verder weg.
  2. Kies voor een traag reagerend schuim als PUR, bijvoorbeeld Nullifire FF197.
  3. Spuit per boorgat de PUR twee seconden in.
  4. Laat de PUR minimaal 24 uur zitten.
  5. De tweede dag kunt u het gevelelement verwijderen.

 

Verwijdering en afwerking
Het verwijderen van het gevelelement zonder de overige delen van gevel aan te tasten, is een secuur werk. Dit moet met beleid worden uitgevoerd. Bij het plaatsen van het gevelelement moet u de slabben opnieuw vastzetten aan het binnenblad. U kunt de aansluiting tussen het gevelelement en het buitenspouwblad dichten met een overschilderbare kit om waterinfiltratie te voorkomen. De aansluiting tussen het gevelelement en het binnenblad moet voorkomen dat er een luchtstroming van buiten naar binnen treedt. Warme lucht kan namelijk veel waterdamp bevatten die condenseert op het koudste vlak. Bij het aanbrengen van open stootvoegen, die dienen voor de afwatering, moet u de openingen voorzien van bijenbekjes.

 

Het maken van een doorvoer (bijvoorbeeld voor airconditioning)

U kunt de Neopixels-isolatie beschermen door het maken van een serie kleine boorgaten, voorzien van PUR. Dit doet u vóór het boren van de doorvoer.

 

Stappenplan

  1. Teken de opening die u wilt maken op de buitenzijde van de gevel.
  2. Teken de gaten die u gaat boren af net buiten de cirkel, met gelijke onderlinge afstand tussen de gaten waar de doorvoer moet komen.
  3. Boor de gaten (zo klein als mogelijk).
  4. Kies voor een traag reagerend schuim als PUR, bijvoorbeeld Nullifire FF197.
  5. Spuit per boorgat de PUR twee seconden in.
  6. Laat de PUR minimaal 24 uur zitten.
  7. Na 24 uur kunt u de doorvoer boren.

 

Veiligheidstip

Zorg er te allen tijde voor dat er geen open verbinding is tussen het isolatiemateriaal en de buitenzijde van de doorvoerbuis. Dicht de opening tussen de buitenzijde van de doorvoerbuis aan de binnen- en buitenzijde met brandwerende kit. Hiermee verkleint u het risico op brand.

 

 

Neopixels België
www.neopixels.be

© Copyright 2013 Neopixels Insulation BV • Alle rechten voorbehouden. Niets van deze site mag, geheel of gedeeltelijk, op welke wijze dan ook, worden overgenomen zonder voorafgaande uitdrukkelijke toestemming van Neopixels. Neopixels en Neofixx zijn geregistreerde merknamen van Neopixels Insulation bv. Neopor en BASF zijn geregistreerde merknamen van afdelingen of verbonden bedrijven van BASF. Alle merken zijn eigendom van de respectievelijke eigenaars.